Hoe eerder slechthorendheid opgespoord wordt, des te minder frustraties.
Vier voorbeelden uit de praktijk:
• Mies is 5. Op de kleuterschool heeft ze het niet leuk. Elke dag is het huilen en brullen als ze naar school gebracht wordt. In het gesprek met de moeder wordt duidelijk dat Mies niet naar de juf te luistert. Tijdens het kringgesprek praat ze voor haar beurt en heeft ze er al snel genoeg van. De juf zet haar dan apart. Ook bij de gymles is Mies ongehoorzaam en krijgt ze vaak 'straf'.
Een flink gehoorverlies door oorontstekingen.
• Joost is 48. Hij is ploegbaas op een produktie-afdeling. Joost geeft op de afdeling veel instructie, lost problemen op en voert werkoverleg. Elke dag komt hij doodmoe en met barstende hoofdpijn thuis. Het gekibbel van de kinderen kan hij dan niet meer aanhoren. Hij is het liefst alleen.
Gehoorverlies door lawaai in de hoge tonen.
• Kees maakt zich zorgen over zijn vader (61). Zijn vader wil niet meer met zijn vrienden klaverjassen. Op verjaardagen zie je hem niet meer. Als Kees met zijn gezin op visite is, gaat zijn vader vaak alleen op zijn studeerkamer zitten. Ook wil hij met 1 kleinkind nog wel iets leuks gaan doen, maar hij wil niet dat alle kinderen en kleinkinderen tegelijk komen. De TV staat zo luid dat de buren klagen. Regelmatig ontstaan er misverstanden doordat vader het net niet goed verstaat.
Verliezen in midden en hoge tonen op basis van ouderdom.
• Gert-Jan (32) is sales-manager bij een multinational. Hij vergadert veel waarbij hij moeite heeft met het volgen van sommige collega's. Aan zakenlunches heeft hij een hekel; hij vindt het lastig om zich dan te concentreren. Het lijkt wel alsof hij 's middags meer moeite moet doen om zijn aandacht erbij te houden. 's Avonds is hij uitgevloerd. Zijn vriendin noemt hem wel eens gekscherend een dove kwartel.
Een matig gehoorverlies aan één oor, waarschijnlijk aangeboren.
|